De afgelopen 5 jaar zagen we nieuwe manieren om apps te distribueren. Kijk, de oude manier is alleen de app zelf. De pijn zit ‘m in de shared libraries. Zoals je P5 sketch altijd de p5.js bibliotheek nodig heeft, dus. Doordat apps dezelfde bibiotheken gebruiken, kun je veel besparen. Diskspace, maar ook runtime memory. Maar de app moet wel voor versie zus-en-me-zoveel speciaal gebouwd worden.
Met containers hoeft dat niet meer. Alles wat de app nodig heeft, zit mee in de container. Op de server is deze techniek populair met docker en kubernetes. Op de Linux desktop is er keuze uit het flatpak en het snap containersysteem. Het verschil: bij Ubuntu bepaalt Canonical (de maker van Ubuntu) wat er in de Snapstore staat – ideal voor enterprise gebruikers. De vrije wereld ziet liever flatpaks, want daar kan ieder zelf aan bijdragen. Op de Pop!_OS computers in lokaal 207 kunnen gebruikers zelf flatpaks installeren, je hoeft daarvoor geen beheerder te zijn.
Mij verbaast het niet, mijn stelling is al jaren: Windows 12 is een Linux bak met een Windows containerwindow. Dit is weer een stap dichterbij gekomen, want op Windows 11 kun je nu al de Flatpak containers draaien.
Misschien moet ik dat toch weer eens proberen dan, windows draaien 😉
Links
https://tweakers.net/nieuws/252862/windows-pcs-kunnen-nu-linux-containers-draaien-via-wsl.html
https://blogs.windows.com/windowsdeveloper/2026/09/29/wsl-containers-now-generally-available
W2SL Architectuur

- https://blogs.windows.com/windowsdeveloper/2026/09/29/wsl-containers-now-generally-available
- https://flathub.org/en
Ineens wordt nu duidelijk waarom Windows 11 zoveel resources vraagt: anders kan dat allemaal niet natuurlijk. Ow daarom ligt die lat voor windows 11 zo hoog…